Hemony in de duinen

Talloze auto’s wringen zich door de schilderachtige route via Heemstede en Aerdenhout richting de Tiltenberg en daarachter: het bisdom Rotterdam. De dorpskom van Vogelenzang met de merkwaardige klokkenwinkel kent iedereen. Schuin daar tegenover gaat de kerklaan recht op de parochiekerk van Maria ten Hemelopneming af. We lezen in de oude kerkenbijbel (‘de katholieke kerken in Nederland van P. Cuijpers en Jan Kalf A’dam 1906) op blz. 304: ‘Gebouwd tijdens het pastoraat van een man met, in zijne dagen ongewonen kunstzin en groote oudheidkundige kennis, onder het herderschap nl. van Mgr. Borret, geeft deze kerk daarvan wel blijk, want hoewel dagtekenend uit eenen tijd, waarin de goede neo-gotiek nog pas begon te ontluiken in ons land, en uitgevoerd onder het bestuur van den architect Molkenboer, die menige zonde van waterstaatsgothiek op het geweten heeft, draagt zij toch zeker karakter van distinctie, dat onmiddellijk treft.’ De wijze Cuijpers gaat er van uit dat Mgr. Borret (zijn broer was rond 1860 minister) bij de bouw wel een oogje in het zeil gehouden heeft en naar men zegt heeft de Duitse architect Schneider (niemand weet waar die plotseling vandaan kwam) ook geholpen.

Vogelenzang

In een aardrijkskundig woordenboek las ik dat Vogelenzang genoemd is naar een uitspanning, een soort kroeg. Maar dat is beledigend. Er was een prachtig uitziend (een beetje goedkoop gebouwd en daarom al vlug gesloopt) ‘kasteel’ met die naam. De buurtschap er om heen werd daarom ‘Vogelenzang’ genoemd. De vogeltjes boven aan de pilaren langs de kerkmuren verwijzen naar de romantische naam die dit duindorp mag dragen. In de vroege middeleeuwen was het een heel werk om de moerassen hier in de buurt te bedwingen. Sloten (nog steeds aanwezig) werden gegraven en de duinaardappelteelt kon beginnen. Reeds heel vroeg was hier een kapel, in de nabijheid van het oude huis Vogelenzang, waar mensen vanuit de verre omtrek naar toe togen. De kapel bleek te klein en werd vervangen door een schuilkerkje en later door een klein echt kerkje. Er was wat geruzie omdat men in Hillegom ook een kerk wilde gaan bouwen. Vogelenzang lag eerst een beetje dwars en verloor ook klanten. De benoeming van de eerder genoemde pastoor Borret, bracht de al lang gekoesterde plannen voor de bouw van een grotere kerk uit de la. De intellectuele pastoor vond dat eerst helemaal niet nodig maar bezweek voor het kerkelijk enthousiasme van de Vogelenzangers. Hij zette architect Molkenboer, die al eerder zijn sporen had verdiend in het nabijgelegen Overveen, aan het werk. Maar hij moest wel een wat stijlgetrouwer gotiek afleveren dan in Overveen waar de gewelven van gips in elkaar zijn geflanst.

De toren

Gelukkig is er niet bezuinigd op de torenbouw. Een kloeke 55 meter –zou het?- hoge toren (even hoog als de westtorens van de Haarlemse Bavokathedraal) siert de oostkant van de kerk. Cuijpers spreekt in het genoemde boek van een ‘westtoren, gelijkend op die van Loosduinen, Rijnsaterwoude en Scheveningen, bestaande uit een kloeke rechthoekige onderbouw en bekroond door een achtkant met open galmgaten.’ Cuijpers was even in de bonen want de kerk is niet georiënteerd en het altaar is niet aan de kant van Jeruzalem maar aan de kant van Londen opgesteld. Het vermelden van de ‘open galmgaten’ is koren op de molen schrijver dezes. Net als in Hilversum worden de galmgaten ontsierd door galmborden, met de beste bedoeling later aangebracht om de klokken tegen de duivenpoep en de striemende regenvlagen te beschermen. In Vogelenzang is de toestand wel heel treurig, een soort IKEA-jalouzietje is in de galmgaten aangebracht. Dat de vier torentjes op de hoeken ook (weer met de beste bedoelingen) zijn weggesloopt komt de architectuur evenmin ten goede.

De kerk

Het op 512 zitplaatsen berekende gebouw, werd op 24 september 1861 gewijd door Mgr.Wilmer. Cuijpers vindt dat ‘het zich gunstig onderscheidt van zijne tijdgenooten.’ Hij prijst de – voor den tijd van omstreeks 1860- niet alledaagsche verzorging van het uiterlijk: afwisseling van roode en gele baksteen met toepassing van zandsteen aan plinten, cordonband, venstertraceeringen en sluitsteenen der bogen.’ In plan is het gebouw een eenbeukige kruiskerk, met een vier traveeën diep schip, transept met lage kapellen voor de zijaltaren, en smaller koor. Het inwendige is met zekere weelde behandeld: geheel ornamenteel beschilderd op de groote wandvlakken met figurale tafereelen versierd, en de wanden van het koor zijn met merkwaardige, oosters aandoende, mozaïeken (zie de foto) bekleed. Minder weelderig is het sinds zeer kort aangebrachte gordijn dat de kerk halverwege in tweeën kan delen (moet gauw weg). Opvallend is een groot raam in het zuidertransept waarin de tekenen van Kana en van de broodvermenigvuldiging staan afgebeeld. Wijn boven, brood beneden. Over de merkwaardige ‘sedilia’ (erezetels) met de patroonheiligen van pastoor Borret (ooit bijna bisschop van Haarlem) erop is al eerder geschreven in Samen Kerk (november 1998).

De klok en het kerkhof

Heel bijzonder is dat deze kerk een klok bezit van de 17e eeuwse klokkengieter François Hemony, de ‘Stradivarius” onder de klokkengieters. De klok is afkomstig uit de vm. Hogewoerdspoort in Leiden. Een rijke heer en dame, Hendrik en Catharina Verdegaal-van der Hulst (die ook de torenbouw grotendeels bekostigden) hebben die helpen aanschaffen. In de oorlog is de klok even weg geweest maar hij is weer teruggevonden bij Heiligerlee. Nu luidt en slaat hij (eigenlijk moet ik zij zeggen: ze is naar mevrouw Verdegaal vernoemd) triomfantelijk. Op de naamdag van Catharina (25 november) luidt de klok een vol kwartier. Zo’n eerbiedwaardige klok zou eigenlijk met de hand geluid moeten worden!

De oorlog was een zwarte periode voor Vogelenzang. In de weiden achter de kerk werd een namaak-vliegveld aangelegd om de geallieerden te misleiden en een V-1 lanceerplaats bij de Bekslaan. Toen de oorlog afgelopen was waren de meeste ramen van de kerk kapot. Maar Vogelenzang is een wakker dorp en alles stond er spoedig weer netjes bij. De koorramen kregen zelfs mooiere kleuren dan vroeger. De kerk van Vogelenzang is de moeite van het bezoeken waard. De toren is in 2012 gerestaureerd. Vreugde en verdriet van vele parochianen worden er samen beleefd. Een prachtig mozaïek naar Marc Chagall op het kerkhof herinnert aan de troostrijke boodschap die binnen de muren van de kerk verkondigd werd en wordt: ‘als God ons thuis brengt dat zal een droom zijn.’

dank aan mevrouw Loes van der Linden die mij rondleidde en de heer Piet Apswoude die documentatie aanleverde.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.